UNIEKE BELEVENIS MET MIJN FAVORIETE VOGEL: DE DRAAIHALS – deel 2

In mijn eerdere blog kon je lezen dat ik een paartje draaihalzen vond met pas uitgevlogen jongen en dat ik zelfs een paring zag. Mogelijk kwam mijn wens om een draaihalzennest met jongen te vinden alsnog uit :-). In dit blogbericht lees je hoe dat verder ging.

Op 27 juni was ik getuige van de paring. Om te weten wanneer er jongen zouden kunnen zijn moest ik dus een nieuwe berekening maken: broedduur 11-14 dagen, nestjongenperiode 20-25 dagen. Stel dat ze na het paren bijna meteen zouden beginnen met broeden, dan zouden de jongen tussen 9 juli en 12 juli uit het ei kruipen. Uitvliegen zou dan tussen 29 juli en 6 augustus zijn. Maar iets later zou dus ook kunnen als het broeden later begonnen is. Anyway, op zondagavond 22 juli ging ik op mijn missie om een nest te vinden. Verschillende mensen die ik had gesproken hadden mijn verwachtingen proberen te temperen, maar tevergeefs. Ik ging een draaihalzennest vinden, daar was ik van overtuigd. De avond begon goed met een kleine bonte specht die op een dode berk lekker zat te hakken. Iets verderop hoorde en zag ik een groene specht. Aangekomen bij de plek waar het allemaal moest gebeuren, geen draaihals. Gelukkig is het altijd goed toeven in het gebied, ik zag grote bonte spechten, putters, boompiepers, gekraagde roodstaarten, hoorde een zwarte specht. Niks mis mee. Maar toen ik vanuit mijn ooghoeken een kleine vogel (een draaihals is veel kleiner dan de meeste mensen denken, meestal wordt gedacht aan de grootte van een grote bonte specht) naar DE boomholte zag vliegen ging mijn hartslag weer omhoog! Zou het dan echt? De vogel was in de boomholte verdwenen, dus ik moest even geduld hebben. Nou heb ik dat normaal gesproken niet echt, maar voor draaihalzen maak ik graag een uitzondering. Gelukkig duurde het niet lang en na een minuut (die een uur leek te duren) stak de draaihals zijn of haar kop uit het nest. WAUWWAUWWAUWWAUWWAUW……… Dat was zo ongeveer wat ik toen dacht en zachtjes riep. Een nest van een draaihals ontdekt!!! De adrenaline gierde door mijn aderen. Echt FANTASTISCH!!! Ik heb er best aardige filmpjes van kunnen maken. Van afstand door de telescoop (dat heet digiscopen, een andere keer meer daarover). Wel af en toe met wat tegenlicht, maar dat mocht de pret niet drukken.

De boomholte was dus goed te zien vanaf het pad. Van een afstand kon ik de vogels dus goed volgen en filmen. Met mijn zelfgefabriceerde adapter lukte dat best goed. De draaihalzen waren niet schuw, ze waren wel op hun hoede, alert. Mijn ervaring met draaihalzen is dat ze vooral teruggetrokken leven, onopvallend. Behalve als ze hun roep laten horen. Al is het dan nog een hele kunst om ze te zien. Maar als ze eenmaal een nest hebben of jongen die net uit het ei zijn gekropen en je weet dat te vinden, dan kun je ze goed zien. De ontdekking van de draaihals was op 22 juli om 18:57u en in het uur daarna waren er 4 voedseltransporten, met tussenpozen van 6 tot 20 minuten. De volgende ochtend was ik uiteraard weer ter plekke en zag ik de ouders regelmatig voeren, met wat langere tussenpozen. Op 25 juli om 12:00u filmde ik het afvoeren van ontlasting door één van de ouders. Op 26 juli in de ochtend duurde het tot 8:30u dat één van de ouders op de bekende kale tak zat met een snavel vol voedsel. Daarna vlogen ze frequenter heen en weer. Het voedsel bestond voor zover ik kon zien vooral uit mieren en miereneitjes. Wat opviel (maar tegelijkertijd logisch is) was dat de voedselvluchten in het begin minder waren. Er zat vaak wel een half uur tussen. Naarmate de tijd vorderde werd de frequentie van het voeren hoger. Wat grappig was om te zien was dat de vogels een vaste aanvliegroute hadden. Ze kwamen met een bek vol voer op een kale tak zitten, een meter of 20 van het nest. Ze leken dan soms net een papegaaiduiker, omdat ze hun snavel zo vol hadden. Vanaf daar vlogen ze naar het nest, zodra ze hadden geconstateerd dat de kust veilig was. Ik vormde ook geen bedreiging blijkbaar, want ze trokken zich niks van me aan. Ik bleef ook op het pad, want daar vandaan waren ze goed te volgen, zonder te storen.

Als de jongen klein zijn dan zijn ze niet te horen. Maar als ze wat ouder zijn dan kun je ook de bedelroep horen. Ik hoorde de jongen voor het eerst bedelen op vrijdagavond 27 juli. De andere vogelaar (die ik ontmoette op 27 juni, zie mijn eerdere post) en ik hadden afgesproken dat we elkaar op de hoogte zouden houden van de vorderingen. Op 31 juli ’s ochtends zag ik de ouders nog wel de holte ingaan en voeren met tussenpozen van 5 tot 10 minuten, al kwam het ook voor dat er 25 minuten tussen zaten. Later die dag merkte de andere vogelaar dat de ouders niet meer steeds het nest in vlogen. Een teken dat de jongen groter werden. En dat zou betekenen dat de jongen zichtbaar zouden kunnen zijn. Of dat lukte lees je de volgende keer :-).

Reactie (1)

  • UNIEKE BELEVENIS MET MIJN FAVORIETE VOGEL: DE DRAAIHALS – DEEL 3: jongen zichtbaar! – De Gezonde Vogelaar| 17 augustus 2018

    […] voor dat er 25 minuten tussen zaten. De andere vogelaar (die ik ontmoette op 27 juni, zie deel 1 en deel 2) en ik hadden afgesproken dat we elkaar op de hoogte zouden houden van de vorderingen. Hij meldde […]

  • Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    %d bloggers liken dit: